Het verlossende woord

Het verlossende woord
artikel van Jelle Van Riet over samen lezen en genezen in elim

Even voorzevenen komen de Samen Lezers de bibliotheek van het centrum voor psychotherapie ELIM in Kapellen binnen. Scharrelend, stiefelend of klossend, want de ene mens is de andere niet en de ene dag ook niet de andere. De reden waarom ze hier zijn, hoelang ze al onderweg zijn, waar de reis heen gaat: het komende uur speelt het allemaal geen rol. Wie op dinsdagavond naar de bibliotheek komt, neemt deel aan Samen Lezen en dat is even ongecompliceerd als het klinkt. Een begeleider leest een gedicht, een verhaal of een flard uit een roman voor, waarna de groep daarover van gedachten wisselt.

‘Wat een raar verhaal, zeg, maar wel mooi. Ik zou echt branden van nieuwsgierigheid en het doosje toch openen.’ De eerste die vandaag een ballonnetje oplaat nadat Silvie Moors, de bezielster van Samen Lezen, het kortverhaal Ik kan het niet genoeg herhalen van Saskia De Coster heeft voorgelezen, is Marianna – 34, werkt bij Quick, uitbundige lach, roodgelakte nagels. Zij is een habitué van Samen Lezen en weet dat er geen literair-kritische tekstanalyse van haar wordt verwacht. Zij mag vrank en vrij associëren bij De Costers verhaal over een oude moeder die haar dochter een doosje schenkt met daarin alle antwoorden die ze in haar leven heeft verzameld. Wel moet de dochter beloven dat ze het doosje nooit zal openen. ‘De gedachte alleen al’, zucht Marianna. ‘In zo’n doosje kan van alles zitten,’ gaat ze door, ‘maar hoop moet er zeker in. Zonder hoop kun je niet vooruit in het leven.’

Een mooie binnenkomer – het is niet voor het eerst dat ik er eentje hoor tijdens Samen Lezen. Ook de voorbije maanden viel me op hoe snel na het voorlezen van een tekst een bloedernstig thema werd aangeboord. Vanavond zet De Costers verhaal een gesprek in gang over de nutteloosheid van het willen loswrikken van antwoorden ‘omdat ze zichzelf bevrijden’, over de zinloze hang des mensen naar tastbare oplossingen, over dochters vol vragen en moeders die het ook niet weten. ‘Het is met antwoorden als met de waarheid’, concludeert Marianna. ‘Je zult ze nooit kennen.’

Uit haar mond rollen bijna voortdurend dat soort tegelzinnen. ‘Je kunt zo veel zien en niets zien als je niet stilstaat’, zei ze op een dinsdagavond. En ‘het is gek hoe je als kind zo dicht bij jezelf bent en met het ouder worden jezelf verliest, alleen nog voor anderen zorgt. Wie zichzelf is kwijtgeraakt, moet op zoek naar zichzelf’. Instant bedacht na het horen van Leonard Nolens’ gedicht De infinitief. ‘Ik weet ook niet waar ik het tegenwoordig opvis,’ zegt ze, ‘want ik heb altijd geworsteld met woorden. Vroeger stond ik op de rem uit angst fout begrepen te worden. Nu denk ik: ik ben wie ik ben. Klinkt het niet, dan botst het. Eigenlijk heb ik het afgelopen jaar pas echt leren praten.’ Ze schaterlacht om zichzelf.

Altijd vuurwerk

Lachen deed Marianna allerminst, toen ze een jaar geleden voor een verblijf in ELIM koos om er een op haar maat samengesteld therapieënpakket te volgen. ELIM mag dan een uit een reistijdschrift geknipt plaatje vol groen zijn, niemand komt hier met vakantie. Wie hier verblijft – minstens voor enkele maanden en maximaal voor een jaar – is vastgelopen, weet zich in het nauw met zichzelf, met anderen, met de zin van het bestaan. Hier kom je omdat je onverdraaglijk aan het leven lijdt, al te lang met vastgeroest zeer rondzwalkt, in de spiegel van het ver­leden geen toekomst meer ziet. En omdat je daarin verandering wilt brengen. Moet brengen.

‘Ik moest vooral mezelf terugvinden: zicht krijgen op wie ik ben en wat ik wil. Zoals zovelen hier heb ik de neiging beter voor anderen te zorgen dan voor mezelf. Ik heb me vaak gespannen, boos of verdrietig gevoeld, maar zei er nooit wat van. Op den duur was ik op. Ik liet bij wijze van spreken te veel apps openstaan, waardoor mijn batterij leegliep. Nu weet ik dat ik mijn apps tijdig moet afsluiten.’

Haar tijd in ELIM zit er bijna op. Binnenkort mag ze helemaal herladen naar huis. Al weet Marianna: ‘Je gaat niet in therapie om nooit meer gekwetst te worden. Zo zit het leven niet in elkaar. Mijn oudste zoon heeft ADHD en is een kleine professor – hij is het evenbeeld van mijn partner: sterk, snel denkend, een geboren leider – en dat zal altijd vuurwerk geven met iemand als ik. Ik ben een beelddenker, traag, gevoelig, hun tegenpool dus. Maar nu ik me daarvan bewust ben, is er in elk geval meer evenwicht.’

Verandering is mogelijk, vooral dat inzicht neemt ze mee. ‘Ik kan nog altijd groeien en dat geeft vertrouwen. Als gevolg van mijn beeldende therapie in ELIM ga ik nu bijvoorbeeld naar de tekenacademie. Dat betekent dat als mijn partner me vraagt of ik de jongens naar het voetbal wil brengen, ik nu zeg: ja, maar ik blijf niet kijken, want ik moet naar de tekenles. Ik kan dat moetes-stemmetje in mijn hoofd makkelijker onderdrukken.’ Betekent dat ook dat Marianna binnenkort soms languit op de bank zal liggen lezen over moeders die hun dochters mysterieuze doosjes geven? ‘Oei, nee. Maar ik ga wel proberen om geregeld Samen Lezen bij te wonen. Omdat ik er van alles zie en hoor wat ik tijdens mijn therapie heb geleerd.’

Een jaar op pauze

Vanavond is een ideale Samen Leesavond voor Marianna. Na het verhaal van Saskia De Coster trakteert Moors de Samen Lezers nog op twee heldere gedichten van Bette Westera. Marianna houdt van die klaarheid, al noemt ze de keren dat ze uit hun context geplukte fragmenten lazen ook wel eye­openers: ‘Duidelijkheid is een illusie.’ Het hardst beproefd werd ze op de avond dat Moors een met zorg uitgekozen stukje voorlas uit De geniale vriendin van Elena Ferrante. Alleen was zij toen niet de enige die gek werd van nieuwsgierigheid.

Ook Nele – 34, single, spraakwaterval en net als Marianna bijna aan het eind van haar verblijf – moest en zou het fijne weten over die vrouw die in rook was opgegaan, geen foto, geen brief, geen jurk, geen haarspeld had achtergelaten. ‘Iemand verdwijnt tot op het punt dat ook alles wat aan haar herinnert weg is, als dat niet intrigerend is!’ Ze zegt het alsof er niets ter wereld aantrekkelijker is dan de idee van een nieuw leven: te kunnen herbeginnen met een volledig gedeletete harde schijf. ‘Vroeger fantaseerde ik weleens dat ik elders zou gaan wonen en werken, in de illusie dat ik dan met één muisklik ook al het negatieve in mijn leven zou wissen. Nu weet ik dat je je harde schijf niet kunt deleten. Je kunt hoogstens jezelf herprogrammeren. Wat goed is, er staat tenslotte ook veel moois op zo’n geheugen.’

Nele heeft zich de afgelopen maanden duidelijk gereset: van ongecontroleerde controlefreak naar gecontroleerde controlefreak. ‘Het eerste wat ik dacht toen mijn psycholoog het idee opperde om mijn leven een jaar op pauze te zetten, was: daar heb ik geen tijd voor! ’

Nele was goed in werken. In druk-druk-druk zijn met het zorgen voor anderen, want zij is hulpverlener. Maar aldoor doen is als vluchten: zolang je bezig bent, hoef je geen aandacht te besteden aan wat er binnenin je omgaat. ‘In ELIM heb je zulke zeeën van tijd dat vluchten niet meer kan, al zeker niet van jezelf. Dat is beangstigend, maar ook zinvol. Zo zie ik nu in dat ik een krak ben in het parkeren van problemen en het koste wat kost willen bewaren van de lieve vrede. Ik mijd het conflict, houd mijn tranen binnen en praat om mijn gevoelens heen. Dankzij de vele uren dans-, drama- en gesprekstherapie kan ik nu wel weer voelen. Ik kan zelfs boos worden.’

Boem patat

Nele is ook weer aan het lezen geslagen. ‘Hoewel ik ben opgegroeid in een huis tjokvol boeken, raakte ik al jaren niet verder dan Libelle. Ik gunde het mezelf niet om op de bank te chillen met een boek. Mijn ouders’ adagium was “meer, beter, verder” en dus maanden zij ons, de vier kinderen, voort­durend aan ons te verrijken. Boeken mochten niet louter ontspannend zijn. Ze moesten leerrijk of nuttig zijn, en het liefst beide. Dankzij Samen Lezen heb ik het pure leesplezier herontdekt. Niets moet en dat is heerlijk. Je kunt zonder voorkennis aanschuiven, mooie teksten ontdekken en met gelijkgestemde zielen praten.’

Als we alle gedachten die Nele de afgelopen maanden bij Samen Lezen heeft gedeeld even terugspoelen, valt op hoe vaak ze het had over het rugzakje uit het verleden, over identiteit en het verlangen voor vol te worden aangezien. Ester Naomi Perquins gedicht Namens de ander raakte duidelijk een zeer gevoelige snaar en vanavond gaat haar aandacht niet toevallig naar de dochter uit het doosje-verhaal. ‘Zij zoekt nog volop wie ze is’, denkt Nele. Zoekt zij dan tussen de regels zichzelf? ‘Ja, ik kruip in andermans huid, maar zoek ook parallellen. In die zin ervaar ik Samen Lezen als een aanvulling op mijn therapie: het troost mij te weten dat ook anderen angstig zijn, een verleden met zich dragen en gezien willen worden.’

Dat Samen Lezen onderdak krijgt bij ELIM, is logisch. Zowel Joris Helssen, opperhoofd bij het psychotherapeutische centrum, als Silvie Moors ziet kunst niet als een therapeutische tool of een middel om taboes rond geestelijke gezondheidszorg te doorbreken, maar als een bron van troost, heling en genot. Kunst en literatuur kunnen het psychotherapeutische proces bevruchten, dat zeker, maar het moet niet. Nele liep wel honderd keer voorbij de gedichten die her en der in ELIM hangen zonder er de minste aandacht aan te schenken. ‘En dan lees je plots, boem patat, een regel als “mijn allerliefste, alles wacht op ons”. Dat gedicht van Claire Vandenabeele heb ik gefotografeerd en draag ik nu altijd bij me. Als reminder: Nele, je kunt de tijd niet hanteren.’

Elastieken benen

Of ook Arne – 36, bio-ingenieur en vader van twee kindjes – op een dag een leefregel in een gedicht zal vinden, zal de tijd uitwijzen. Hij is nu vier maanden in ELIM en voorlopig horen de verzen aan de muren bij het ‘decor’. Toch woont ook hij geregeld Samen Lezen bij. ‘Aanvankelijk ging ik puur uit verveling naar Samen Lezen – je moet wat met het teveel aan stille tijd hier. Maar Silvie weet haar teksten zeer goed te kiezen. En een mooie tekst die het leven relativeert, zalft de ziel.’

Arne is geen type dat meteen losbrandt bij het Samen Lezen. Hij kijkt de kat uit de boom, de bril naar de neusbrug opduwend. ‘Soms laat ik het gesprek wat overwaaien, omdat ik vind dat men te veel naar de context gist of de literatuur te toepasbaar op het leven wil maken. Maar meestal worden er al snel interessante denklijnen uitgezet.’ Met dank aan de literatuur zelf die existentiële thema’s aanreikt. Om niet te zeggen gevaarlijke thema’s voor wie op elastieken benen in het leven staat. ‘Gevaarlijk? Nee, voor mij betekent Samen Lezen ontspannen: even mijn gedachten in een fantasiewereld laten overvloeien. De kans dat ik van slag raak door een tekst, is nogal klein. Ik ben niet zo in touch met mijn emoties – een van de redenen waarom ik hier ben beland.’

Arnes keuze voor ELIM was van moeten. ‘Ik zat in zo’n crisissituatie dat ik wel ernstig aan mezelf moest werken. Ik koos voor Kapellen omdat het psychotherapeutische proces hier nauw bewaakt wordt, maar de aanpak minder strikt is dan in een psychiatrisch ziekenhuis. Ik ben relatief vrij, kan lange weekends naar huis, waardoor ik de band met mijn gezin behoud. Ga eens een jaar weg van een kind van anderhalf, het kent je amper nog als je terugkeert. Wat niet betekent dat ik me niet vreselijk schuldig voel, vooral tegenover mijn vrouw. Maar het was of er even tussenuit om fatsoenlijk terug te keren, of volledig ten onder gaan.’

De regels in ELIM laten toe dat Arne zijn zoon van 6 kan blijven voorlezen, een avondritueel waaraan zowel vader als zoon verknocht is. De enige keer dat Arne meteen van wal stak bij Samen Lezen, was toen Moors een fabel van Imme Dros bij zich had. ‘Ik verbaas me over de gruwelijkheden in die fabels – dieren eten elkaar op! – terwijl mijn zoontje er niet genoeg van krijgt’, zei hij. ‘Maar kinderen zijn routineus en dus vraagt hij me evengoed zevenmaal op rij dezelfde Jommeke voor te lezen, wat gezien de simpliciteit toch een opgave wordt.’ Daarmee heeft Arne wellicht dé troef van Samen Lezen genoemd: de hoge kwaliteit van de teksten. ‘Het feit dat iemand met veel literaire bagage een selectie maakt, is een van de redenen waarom ik blijf gaan.’

Leer je vervelen

‘Vroeger had ik nood aan een hanteerbaar einde’, zegt Nele. ‘Sinds Samen Lezen vind ik het juist prettig om niet te weten wat er precies aan de hand is. Zo is het ook in de realiteit: in het boekenrek dat je leven is, is er een leeg vak. Je hebt je geschiedenis en je heden, maar de toekomst is blanco. Nu ik meer in het reine ben met wat er al staat, fantaseer ik niet langer over een toekomst waarin ik iemand anders ben. Ik kan dromen zonder de reflex om alles al in te vullen of ergens aan te ontsnappen.’

Mensen zijn onaf, eeuwig in wording, zo staat het gebeiteld in de filosofie van ELIM. En aangezien nu het verleden is van straks, is het zinvol om zich een tijdlang terug te trekken en te vertragen, te verstillen, te verdiepen. ‘De stilte, de leegte en de verveling hier zijn groot en moeilijk’, bekent Arne. ‘Je moet je als het ware weer leren vervelen, iets wat je wel kon als kind, maar later bent verleerd.’ Ook Marianna en Nele geven toe lang te hebben geworsteld met de leegte van de uren. Gedresseerd als ook zij zijn om te werken, te zorgen en te presteren. Om bezig te zijn. Nele: ‘Lezen is een goeie oefening in mindfulness: je bent gefocust, koppelt terug naar je leven en kunt intussen niets anders doen.’

Samen Lezen houdt niet op om acht uur. Het zindert na en waaiert uit. Marianna las intussen ook zelf verhalen voor op de school van haar kinderen en Nele noemt haar liefde voor boeken waarlijk gelijmd. ‘Er ligt zelfs een dichtbundel van Wislawa Szymborska op mijn nachtkastje.’ Zulke door haar veroorzaakte kringen in het water warmen Silvie Moors’ hart, maar ze neemt ook met minder genoegen. Voor haar is Samen Lezen simpelweg ‘een moment om samen te genieten van mooie teksten’. Zulke momenten zijn voor elke mens van waarde, en dus zeker voor kwetsbare vogels die met een tekort aan affectie, vertrouwen en veiligheid zijn opgegroeid, die trauma’s, verlies en misbruik een plaats trachten te geven. Moors: ‘Soms zegt een van de lezers dat het nog even nagezinderd heeft. Meer moet dat niet zijn.’


Emmaus
PC Bethanië
elimart